Een zoon en dochter hebben aandelen in een holding. Het gaat om ieder de helft van de aandelen. Het betreffen gewone aandelen. In 1999 heeft dochter de aandelen van vader gekocht voor omgerekend 3,6 ton. In 2017 komt vader te overlijden. In het testament van vader staat dat alle aandelen(certificaten) van dochter aan zoon worden achter gelaten. De aandelen moeten binnen een half jaar na overlijden worden geleverd aan de zoon. De dochter krijgt voor de aandelen de waarde die geldt in het economische verkeer. De waarde zal moeten worden vastgesteld (bijvoorbeeld conform artikel 5 van de statuten van de holding).

Indien dochter niet tijdig de aandelen aan de zoon overdraagt, zal zij haar rechten als erfgename verliezen. De zoon heeft aan de dochter voorgesteld om de termijn van levering te verlengen tot 1 maart 2018.

In 2018 heeft de zoon een registeraccountant de opdracht gegeven om de aandelen van de holding te waarderen. In de opdrachtbevestiging heeft de registeraccountant aangegeven dat de waardering zal plaatsvinden op basis van NV COS 4400N. Op het moment dat de registeraccountant aan de waardering wil beginnen, verandert hij die standaard in 5500N. De accountant komt tot de conclusie dat de vijftig aandelen die dochter bezat, een waarde vertegenwoordigen van min 757.361 euro. Indien de zoon de aandelen wil verwerven, inclusief alle toekomstige lasten en risico’s, dan zou een aankoopbedrag van 0 tot 1 euro gebruikelijk zijn.

Dochter is het niet eens met de waardering en besluit een klacht in te dienen tegen de registeraccountant. De Kamer heeft geoordeeld dat de klacht terecht is en daarom de maatregel van een tijdelijke doorhaling van drie maanden zal worden opgelegd. Dochter heeft zich tijdens deze en andere procedures laten bijstaan door een accountant-administratieconsulent, die ook advocaat is. Hij heeft ook voorstellen gedaan met betrekking tot een overnameprijs. Zijn besluit tegen de accountant/advocaat een klacht in te dienen bij de Kamer, omdat de accountant/advocaat:

  • Op een oneigenlijke manier financiële en andere informatie over de holding in handen heeft gekregen en heeft gebruikt in diverse procedures, terwijl hij wist dat die informatie onrechtmatig was verkregen;
  • Als raadsman van de zus onder meer een tuchtprocedure heeft aangespannen tegen de registeraccountant van de klager en daardoor een vlotte en harmonieuze uitvoering van de laatste wil van de vader verhinderd, wat heeft geleid tot verstoorde familieverhoudingen.

De Kamer heeft geoordeeld dat de klachten ongegrond zijn. De zoon besluit in hoger beroep te gaan. In hoger beroep heeft zoon aangevoerd dat de Kamer ten onrechte heeft:

  • Genegeerd dat de accountant/advocaat voorheen de accountant was van de onderneming van de vader, maar vanaf medio december 2017 uitsluitend de belangen van de zus is gaan behartigen en daarbij geen oog heeft gehad voor de beginselen die gelden voor accountants; geoordeeld dat de accountant in strijd met de regeling uit het testament heeft mogen adviseren;
  • Klachtonderdeel a ongegrond verklaard en gezegd dat de accountant niet zonder meer hoefde te weten of vermoeden dat zijn cliënte mogelijk niet rechtmatig over de stukken in kwestie kon beschikken;
  • Klachtonderdeel b ten onrechte ongegrond heeft verklaard, terwijl de accountant: contraproductieve adviezen is gaan uitbrengen vanaf het moment dat hij de advocaat werd van de zus; een “onzinnige klachtprocedure” is begonnen de registeraccountant van de broer; heeft gezegd dat er niets mis zou zijn met de pensioenregeling en de rechter in de civiele procedure wel degelijk heeft misleid.

Oordeel

Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard. De zoon heeft niet geklaagd over het feit dat de accountant ook de raadsman was. Er zijn geen beroepsgronden aangevoerd, waardoor dit niet plotseling in hoger beroep aan de orde kan komen. Een accountant die ook optreedt als advocaat moet zich houden aan de fundamentele beginselen uit de VGBA. Daarnaast slaagt het verwijt niet dat de zus geen toegang zou hebben gehad tot systemen en archieven van de onderneming, aangezien zij hierover kon beschikken als aandeelhouder.

Zoon heeft het niet aannemelijk gemaakt dat de advocaat zich schuldig heeft gemaakt aan het bewust innemen van onjuiste of misleidende standpunten, waardoor de voortgang zou zijn belemmerd. Een accountant mag tweemaal een voorstel doen in het kader van overname van aandelen. Dochter en zoon waren vrij om een aanbod te weigeren en hebben dit ook gedaan.

De accountant-administratieconsulent heeft de informatie niet onrechtmatig verkregen en ook is de rechter niet misleid. Er wordt geen maatregel opgelegd. In de rol van advocaat wordt de man geschrapt van het tableau.

Klik hier voor de volledige uitspraak.

Zorgplicht Advocaten

Heeft u als klant, stakeholder of derde een klacht of schade geleden als gevolg van een fout van een accountant, neem dan contact met ons op voor vrijblijvend gesprek. De advocaten van Zorgplicht Advocaten hebben jarenlange ervaring met het adviseren over de zorgplicht van een accountant of boekhouder. Tevens hebben onze advocaten ervaring met het voeren van een klachtprocedure bij de Accountantskamer of het voeren van een procedure bij de civiele rechter.

Wij staan voor u klaar

  • Tegen (financiële) dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Laat ons u helpen Laat ons u bellen

Wij helpen u graag

  • Tegen (financiële) dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant