Vestia was een klant van Deloitte. De jaarrekeningen en volkshuisvestingsverslag van Vestia werden vanaf 2000 tot en met 2009 jaarlijks door Deloitte gecontroleerd. Vestia heeft in de periode tussen 2005 en 2012 een derivatenportefeuille opgebouwd. Echter, vanaf augustus 2011 had deze portefeuille een negatieve waarde waardoor Vestia onderpand diende te storten bij de betrokken banken. De derivatenportefeuille is uiteindelijk in 2012 gesaneerd. Dit heeft Vestia ruim € 2,5 miljard gekost. Vestia heeft vervolgens een procedure gestart bij de Rechtbank Rotterdam.

Deloitte zou onterecht jaarrekeningen hebben goedgekeurd

In deze procedure stelt zij dat Deloitte is tekort geschoten in de nakoming van hun verplichtingen en dat Deloitte haar zorgplicht heeft geschonden. Vestia vordert schadevergoeding van de door haar geleden schade. Volgens Vestia heeft Deloitte de jaarrekening ten onrechte goedgekeurd. De boekhouding wat betreft de derivatenportefeuille klopte niet waardoor de premie als winst werd aangemerkt en in mindering werd gebracht op de rentelasten en uitstaande leningen terwijl de negatieve waarden van de derivaten niet werden verwerkt op de balans.

Vestia vordert daarnaast ook dat Deloitte haar controledossiers overlegt aan Vestia. Volgens Deloitte heeft Vestia geen rechtmatig belang bij deze vordering omdat er in deze controledossiers stukken zijn opgenomen die gaan over onderwerpen die in deze procedure niet relevant zijn. De rechtbank is van oordeel dat Vestia geen rechtmatig belang heeft bij toewijzing van de vordering tot overlegging van de volledige controledossiers. Echter, dit betekent niet dat Vestia geen belang zou hebben bij overlegging van onderdelen van die dossiers. De rechtbank heeft geoordeeld dat delen van het controledossier wel aan Vestia openbaar gemaakt dienen te worden. Dit betreffen voornamelijk de delen die door Deloitte zijn onderzocht en getoetst ter controle van de jaarrekeningen en de stukken die zien op de vraag of de derivatenportefeuille op juiste wijze is verwerkt in de jaarrekening.

Rechtbank: controledossiers zijn mede bedoeld voor beschikbaarstelling aan een ander dan de accountant

Deloitte verweert zich hier nog tegen omdat de controledossiers primair bestemd zijn voor intern gebruik door de accountant zelf. Volgens de rechtbank zijn controledossiers juist mede bedoeld voor beschikbaarstelling aan een ander dan de accountant. Die ander hoeft niet aan hetzelfde kantoor verbonden te zijn. Deloitte heeft daarnaast nog verzocht om hoger beroep in te mogen stellen tegen het tussenvonnis. De rechtbank staat dit echter niet toe. Zij ziet geen reden om af te wijken van het wettelijk uitgangspunt dat hoger beroep tegen een dergelijke beslissing niet open staat. De rechtbank veroordeelt Deloitte om uiterlijk 6 weken na het wijzen van het vonnis een afschrift van de bovengenoemde delen van de controledossiers te overleggen.

Wat betreft de mogelijke zorgplichtschending door Deloitte bepaalt de rechtbank dat zij hier nu nog geen uitspraak over kan doen. Hier dient later in de procedure nader over beslist te worden.

Klik hier voor de volledige uitspraak van de Rechtbank Rotterdam d.d. 7 februari 2018.

Zorgplicht Advocaten

Heeft u een geschil met uw accountant over de vraag of hij/zij de benodigde vakbekwaamheid, zorgvuldigheid en deskundigheid in acht heeft genomen bij de uitvoering van zijn/haar werkzaamheden? Heeft uw accountant uw opdrachten niet naar behoren uitgevoerd? En heeft u als gevolg daarvan schade geleden? Neem dan contact op met een van de gespecialiseerde advocaten van Zorgplicht Advocaten.

Zie ook vergelijkbare uitspraken:

Wij staan voor u klaar

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Laat ons u helpen of bel 0416 65 00 86

Wij helpen u graag

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant