registeraccountant

Het College van Beroep voor het bedrijfsleven heeft de uitspraak van de Accountantskamer vernietigd en heeft de accountant de maatregel van waarschuwing en een geldboete van €4.200,- opgelegd.

Procesverloop

De appellant stond sinds 2013 als openbaar accountant ingeschreven in het accountantsregister van de Nba. Bij brief van 19 juli 2019 heeft de Nba appellant laten weten dat hij voor de driejaarscyclus 2016-2018 onvoldoende PE-activiteiten heeft geregistreerd. Aan appellant is een (inhaal)termijn gegund tot en met 21 oktober 2019 om het tekort aan PE-activiteiten in te halen en alle verrichte PE-activiteiten te registreren. Bij brief van 23 september 2019 heeft de Nba appellant erop gewezen dat zijn PE-registratie nog niet op orde is en dat de termijn op 21 oktober 2019 verstrijkt. Bij brief van 16 december 2019 heeft de Nba appellant laten weten dat hij niet heeft voldaan aan de PE-verplichtingen. Appellant is in de gelegenheid gesteld om uiterlijk 10 januari 2020 de verrichte PE-activiteiten alsnog te registreren.

De accountantskamer heeft geconcludeerd dat appellant voor de jaren 2016-2018 niet heeft voldaan aan de verplichting om minimaal 120 uur aan PE-activiteiten te besteden. Er is sprake van een tekort van 80 PE-uren. Appellant heeft gehandeld in strijd met het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid. De accountantskamer heeft een berisping en een geldboete van € 5.600,- opgelegd.

De klacht

Er is vervolgens door het Nba een klacht ingediend bij de Accountantskamer. De klacht houdt in dat de accountant minder dan 120 uur aan PE-activiteiten heeft besteed in de driejaarscyclus 2016-2018 en als zou blijken dat hij wel voldoende uren aan PE-activiteiten heeft besteed, hij niet heeft voldaan aan de registratieplicht. Op grond van de Nadere voorschriften permanente educatie (NVPE) moet een accountant per driejaarscyclus minimaal 120 uur aan PE-activiteiten besteden. Per kalenderjaar moet de accountant minimaal 20 uur aan PE-activiteiten besteden. Daarnaast moet de accountant de door hem verrichte PE-activiteiten over een kalenderjaar uiterlijk 31 maart van het daaropvolgende kalenderjaar registreren.

De beoordeling van het college

Appellant heeft in hoger beroep erkend dat hij slordig is geweest, maar hij vindt dat er factoren zijn die redelijkerwijs tot een lagere tuchtrechtelijke maatregel zouden moeten leiden. Appellant betwist in hoger beroep niet dat hij niet minimaal 60 uur aan gestructureerde PE-activiteiten heeft besteed en evenmin dat hem hiervan een verwijt kan worden gemaakt. Hieruit volgt dat de accountantskamer in zoverre terecht heeft geconcludeerd dat appellant heeft gehandeld in strijd met het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid en dat klachtonderdeel a gegrond is. Dit betekent dat nu nog uitsluitend dient te worden beoordeeld of appellant voor het niet besteden van (de overgebleven) 60 uur aan PE-activiteiten terecht een tuchtmaatregel is opgelegd. In wat appellant hierover heeft aangevoerd, ziet het College geen grond voor het oordeel dat een tuchtmaatregel achterwege moet blijven.

Uit het voorgaande volgt dat het hoger beroep gegrond is voor zover het betreft het aantal uren dat appellant te weinig aan PE-activiteiten heeft besteed. Dit heeft gevolgen voor de aan appellant opgelegde maatregelen. De uitspraak van de accountantskamer dient in zoverre te worden vernietigd. De gegrondverklaring van klachtonderdeel a blijft in stand. Het College acht de maatregelen van waarschuwing en geldboete passend en geboden. Als gevolg van het tekort van 60 PE-uren wordt een geldboete van € 4.200,- (60 x € 70,-) daarom gerechtvaardigd geacht. Het College gaat er in hoger beroep van uit dat appellant in de periode van 2016-2018 in totaal 60 uren aan ongestructureerde PE-activiteiten heeft besteed, in plaats van de 40 uren die de accountantskamer bekend waren.

De beslissing van het College

Het College verklaart het hoger beroep deels gegrond. Het College legt appellant de maatregel van waarschuwing en een geldboete van € 4.200,– op. Het hoger beroep wordt voor het overige ongegrond verklaard.

Hier kunt u de gehele uitspraak van het College van Beroep voor het bedrijfsleven lezen.

Zorgplicht advocaten

Heeft u als klant, stakeholder of derde een klacht of schade geleden als gevolg van een fout van een accountant, neem dan contact met ons op voor vrijblijvend gesprek. De advocaten van Zorgplicht Advocaten hebben jarenlange ervaring met het adviseren over de zorgplicht van een accountant of boekhouder. Tevens hebben onze advocaten ervaring met het voeren van een klachtprocedure bij de Accountantskamer of het voeren van een procedure bij de civiele rechter.

Wij staan voor u klaar

  • Tegen (financiële) dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Laat ons u helpen Laat ons u bellen

Wij helpen u graag

  • Tegen (financiële) dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant