Uitspraak: Hoger beroep tegen notarissen ongegrond verklaard

Klagers verwijten de notarissen niet neutraal te zijn tijdens hun werk, belangrijke zaken niet mede te delen en niet geoorloofd te werken. Klagers zijn in hoger beroep gegaan tegen de uitspraak van de Kamer voor het notariaat in het ressort Arnhem-Leeuwaarden van 17 november 2021.

Het procesverloop

Klagers hebben in 2019 een bespreking gevoerd met de notaris. De bespreking ging over de verdeling van de nalatenschap van de moeder van klager waarin hij erfgenaam is samen met zijn zus en met twee anderen. De notaris heeft in opdracht van klager en zijn zus werkzaamheden verricht in het kader van de afwikkeling van een nalatenschap. In dat gesprek is afgesproken dat de notaris namens klager en zijn zus aan de twee overige erfgenamen een brief zal schrijven om te vragen om medewerking bij de verdere afhandeling van de nalatenschap. Op 24 mei 2019 is de brief door de notaris aan de twee overige erfgenamen gestuurd. Daarop hebben de twee overige erfgenamen laten weten de gevraagde medewerking niet te verlenen.

Kennelijk om deze medewerking alsnog te verkrijgen heeft de zus van klager begin 2020 juridische bijstand gevraagd aan de advocaat. Met het oog op een procedure tegen de twee overige erfgenamen heeft de advocaat medewerking gevraagd aan de notaris. De notaris was op dat moment niet meer werkzaam op het notariskantoor en de toegevoegd notaris is opvolger in diens oude dossiers. De advocaat heeft de toegevoegd notaris gevraagd een volmacht op te stellen waarbij klager en zijn zus de stichting machtigden om namens hen gezamenlijk op te treden. Deze volmacht was in de optiek van de advocaat noodzakelijk omdat klager en zijn zus weliswaar samen eisende partij waren, maar vanwege hun meningsverschillen niet samen wilden optrekken.

De toegevoegd notaris heeft zich op het standpunt gesteld dat de stichting als gevolmachtigde zou kunnen optreden wanneer klager en zijn zus de stichting zouden machtigen met de door het kantoor in zaken als deze standaard gehanteerde volmacht en akkoord zouden gaan met een opdrachtbevestiging. Bedoelde volmacht bevat een vrijwaringsclausule. Bij e-mail van 11 november 2020 gericht aan de afdeling notariaat en met afschrift aan de advocaat, heeft klager laten weten bezwaar te maken tegen het optreden van de advocaat en tegen de vrijwaringsclausule.

De klacht

De klagers verwijten de notarissen de onderstaande klachtonderdelen.

1) Het kantoor van de notarissen staat ondanks bezwaar van klager toe dat een eigen advocaat van het notariskantoor optreedt als advocaat van de zus van klager. Dit terwijl partijen het notariskantoor gezamenlijk opdracht gaven om gemeenschappelijke gelden uit een nalatenschap te incasseren en toe te delen aan deze wederpartij. De notaris dient neutraal te zijn en is dat hiermee niet meer.

2) Er is aan klagers niet medegedeeld dat de door partijen gekozen notaris van het notariskantoor tussentijds vertrok naar een ander kantoor. Dit was bij klagers niet bekend maar wel bij de zus van klager en haar advocaat. Er bleek ook tussentijds zakelijk contact te zijn in de zaak tussen de toegevoegd notaris en de advocaat van de zus. Dit alles is niet geoorloofd.

3) De toegevoegd notaris heeft niet aangegeven op te treden en heeft tussentijds wel de advocaat van het eigen notariskantoor notarieel bijgestaan en geadviseerd. Het is ongeoorloofd slechts één der contractspartijen te contacten en de andere van contact verstoken te laten, en het is nog ernstiger indien dit plaatsvindt met een aan het eigen kantoor verbonden advocaat.

4) De gezamenlijke opdracht lag als gezegd bij het notariskantoor. Om hieraan uitvoering te geven benodigde men kennelijk volmachten. Het notariskantoor liet de volmachten door de eigen partij-advocaat opstellen. Dit is niet geoorloofd. Het notariaat dient dit zelf conform de haar gegeven opdracht te verzorgen.

5) Het notariskantoor eist van partijen, naar eigen zeggen algemeen, een vrijwaring voor het geval een derde haar vanwege haar dienstverlening aanspreekt. Dit is naar de mening van klagers niet geoorloofd. Die hieruit voortkomende kosten kunnen heel hoog oplopen en het eisen van een vrijwaring is dan ook volstrekt onredelijk. Daarbij komt dat er een eerdere en door het notariskantoor aanvaarde opdracht lag, waarin geen vrijwaringseis werd gesteld. Het gaat dan niet aan dat het notariskantoor tussentijds nog met een vrijwaringseis komt, nadat de opdracht al deels was uitgevoerd en er ook al op voorschot was betaald.

De beoordeling

De Kamer heeft in de bestreden beslissing de klacht voor zover ingediend door klager 2 niet-ontvankelijk verklaard en de klacht voor zover ingediend door klager 1 op alle onderdelen ongegrond verklaard.

Ontvankelijkheid klager 2

Klager 2 treedt op als advocaat van klager. Als zodanig is klager 2 al een aantal jaren betrokken bij de afwikkeling van de nalatenschap van de ouders van klager en zijn zus. Bij de bespreking over de afwikkeling van de nalatenschap is klager 2 ook aanwezig geweest. Daarnaast is het klager 2 geweest die over onderhavige kwestie contact heeft gehad met de notarissen. Dat alles maakt dat klager 2 een redelijk belang heeft bij deze klacht en daarin ook zelf als klager kan worden ontvangen. Het hof zal de beslissing van de Kamer vernietigen ten aanzien van het niet-ontvankelijk verklaren van klager 2.

Klachtonderdeel 1: notarissen en advocaat zus werkzaam op hetzelfde kantoor

De zus van klager heeft de advocaat de opdracht gegeven om de overige erfgenamen alsnog te dwingen tot medewerking aan de afwikkeling van de nalatenschap. Deze medewerking was nodig om banksaldi vrij te krijgen. De notarissen staan buiten deze opdrachtverstrekking van de zus aan de advocaat. Klagers hebben ook niets gesteld waaruit blijkt dat de notarissen daarmee op enige wijze bemoeienis hebben gehad. Dit klachtonderdeel is ongegrond.

Klachtonderdeel 2: de toegevoegd notaris is niet voorgesteld aan klagers

Klagers hebben in 2019 een duidelijk omschreven opdracht verstrekt aan de notaris. Deze opdracht is voltooid. Het dossier is toen intern gesloten. Dat de notaris niet aan klagers heeft gemeld dat het dossier was gesloten of dat hij uit dienst ging bij het kantoor kan niet aan de notarissen verweten worden. Zoals gezegd, was de opdracht van de notaris voltooid met het schrijven van de brief aan de twee overige erfgenamen op 24 mei 2019 en klagers hebben niet duidelijk gemaakt op grond waarvan daarna enige verplichting voor de notarissen dan wel het kantoor bestond om van het vertrek van de notaris mededeling te doen aan klagers.

Na de notaris heeft geen enkele notaris van het kantoor werkzaamheden verricht voor klagers. De advocaat heeft slechts namens de zus van klager aan de toegevoegd notaris gevraagd of de stichting als gevolmachtigde van de zus van klager en klager zelf zou willen optreden in het kader van een nog te voeren procedure tegen de twee overige erfgenamen. Klagers hebben de notarissen geen enkele opdracht gegeven. De toegevoegd notaris heeft ook geen dossier geopend en heeft niets gedaan wat reden gaf zich voor te stellen aan klagers. Dit klachtonderdeel is ongegrond.

Klachtonderdeel 3: contact toegevoegd notaris en wederpartij klager

De Kamer heeft geoordeeld dat klagers de zus van klager ten onrechte aanmerken als de wederpartij. De advocaat heeft juist contact gezocht met de toegevoegd notaris met de bedoeling dat klager en zijn zus de stichting machtigen namens hen samen op te treden tegen de twee overige erfgenamen in de procedure tot medewerking bij de afhandeling van de nalatenschap. Verder is niet gebleken dat de toegevoegd notaris met klager dan wel de zus van klager over de volmacht gesproken heeft.

Het hof verenigt zich met dit oordeel van de Kamer en de gronden waarop dat oordeel berust. In hoger beroep is niet gebleken van feiten of omstandigheden die een ander oordeel rechtvaardigen. Niet is gebleken dat er contact is geweest tussen de toegevoegd notaris en de zus van klager. De advocaat heeft slechts gepolst of de toegevoegd notaris iets kan betekenen in de te ondernemen acties tegen de twee overige erfgenamen

Klachtonderdeel 4: volmacht opgesteld door de advocaat

De notarissen hebben aangevoerd dat de concept volmacht, anders dan klagers stellen, niet is opgesteld door de advocaat, maar door de toegevoegd notaris en dat het vervolgens niet tot een gezamenlijke opdracht is gekomen. Klagers hebben in hoger beroep geen feiten of omstandigheden aangevoerd waaruit het tegendeel volgt. Dat betekent dat dit klachtonderdeel ongegrond is.

Klachtonderdeel 5: onredelijk bezwarend vrijwaringsbeding

De notarissen hebben aangevoerd dat de advocaat de toegevoegd notaris heeft gevraagd of het notariskantoor zou kunnen of willen optreden als gemachtigde van klager en zijn zus. De toegevoegd notaris heeft toen gemeld dat het notariskantoor dat niet kan, maar de stichting wel en dan alleen op basis van een volmacht met daarin een vrijwaringsclausule. Het opnemen van de bewuste vrijwaringsclausule in een volmacht levert geen klachtwaardig handelen van de notarissen op. Het staat de stichting vrij een machtiging als deze, die inhoudt dat de stichting namens de zus van klager en klager zelf zou optreden in een procedure tegen de overige erfgenamen, te aanvaarden of niet te aanvaarden of alleen onder bepaalde voorwaarden te aanvaarden.

Er bestond voor de notarissen geen enkele verplichting het ertoe te leiden dat de stichting de machtiging zou moeten aanvaarden zonder de bewuste vrijwaringsclausule. Er bestond voor klager geen enkele verplichting de machtiging te geven of onder bepaalde voorwaarden te geven. Hij was volledig vrij dat te doen of te laten. Het hof is van oordeel dat ook dit klachtonderdeel ongegrond is.

De beslissing

Uit het voorgaande volgt dat het hof tot hetzelfde oordeel komt als de Kamer, behalve waar het de niet-ontvankelijkverklaring van klager 2 betreft. Het hof zal de bestreden beslissing daarom vernietigen voor zover het de niet-ontvankelijkverklaring van klager 2 betreft en de bestreden beslissing voor het overige ten aanzien van klager en klager 2 bevestigen.

Het gerechtshof Amsterdam vernietigt het niet-ontvankelijk verklaren van klager sub 2 en verklaart deze alsnog ontvankelijk in zijn klacht. Daarnaast bevestigt het hof de bestreden beslissing voor het overige.

Hier kunt u de volledige uitspraak van het gerechtshof Amsterdam lezen.

Zorgplicht Advocaten

Heeft u als klant, stakeholder of derde een klacht of schade geleden als gevolg van een fout van een accountant, neem dan contact met ons op voor vrijblijvend gesprek. De advocaten van Zorgplicht Advocaten hebben jarenlange ervaring met het adviseren over de zorgplicht van een accountant of boekhouder. Tevens hebben onze advocaten ervaring met het voeren van een klachtprocedure bij de Accountantskamer of het voeren van een procedure bij de civiele rechter.

Joost Papeveld

Wij staan voor u klaar

  • Tegen (financiële) dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Neem contact op Laat ons u bellen
Monique Ebben

Wij helpen u graag

  • Tegen (financiële) dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant