Assurantietussenpersoon schendt zorgplicht door pensioenuitkering te garanderen

Meneer X werkt vanaf 1992 als directeur van een ziekenhuis. Naast het pensioen dat hij opbouwt via het ziekenhuis sluit hij ook een pensioenverzekering af bij AEGON. De verzekering loopt tot 1 juni 2009 en voorziet in een opgebouwd kapitaal van ruim €266.000. Wanneer de einddatum van de verzekering nadert besluit X dat hij na juni 2009 blijft doorwerken. In overleg met zijn assurantietussenpersoon Y en AEGON bespreekt hij het langer doorlopen van zijn pensioenverzekering. In maart 2009 brengt AEGON een verlengingsofferte uit. In de offerte wordt voorgesteld om de verzekering tot juni 2016 te verlengen. Het gegarandeerde bedrag bij leven wordt dan verhoogd tot ruim €297.000. Daarnaast staat in de offerte dat hij een levenslang ouderdomspensioen van €21.000 bruto per jaar kan aankopen. Nadat meneer X de offerte met Y heeft besproken ondertekenen hij en zijn werkgever de offerte voor akkoord. Y stelt dat de bedragen in de offerte juist en gegarandeerd zijn. In 2012 ontvangt meneer X zijn Uniform Pensioenoverzicht. In dit overzicht is een te verwachten pensioenuitkering van €17.500 bruto per jaar opgenomen. Meneer X neemt contact op met Y en vraagt waarom niet de gegarandeerde €21.000 in het overzicht staat. Y bericht hem dat het uitkeringsbedrag afhankelijk is van de rekenrente die geldt op de einddatum. De hoogte van de uitkering kan dus pas in 2016 worden vastgesteld. Volgens Y is deze tussentijdse indicatie in feite niets zeggend. In 2014 gaat meneer X met pensioen. Een jaar later vermeld het Uniform Pensioenoverzicht van X een te verwachten ouderdomspensioen van krap €14.000. Opnieuw neemt meneer X contact op met Y. De assurantietussenpersoon geeft nog steeds aan dat de uitkering na de einddatum gegarandeerd ruim €20.000 zal bedragen.

Aansprakelijkheid wordt betwist door tussenpersoon en diens beroepsaansprakelijkheidverzekeraar

In maart 2016 ontvangt meneer X bericht van AEGON. Het bruto jaarbedrag dat X vanaf juni 2016 zal gaan ontvangen wordt vastgesteld op €12.800. In reactie op dit bericht dient X een klacht in bij AEGON. De levensverzekeraar laat weten nooit een eindbedrag gegarandeerd te hebben. Vervolgens stelt meneer X assurantietussenpersoon Y aansprakelijk. Die betwist de aansprakelijkheid en dus wendt X zich tot de beroepsaansprakelijkheidverzekeraar van Y. Ook de verzekeraar betwist iedere aansprakelijkheid van Y.

Vordering wordt afgewezen door rechter in eerste aanleg

Meneer X voelt zich niet gehoord in zijn klacht en besluit een procedure te starten. In de procedure vordert hij een verklaring voor recht dat de assurantietussenpersoon de door hem verstrekte garantie moet nakomen. Deze garantie heeft hij gegeven in een brief van april 2009. De kantonrechter wijst de vordering van X af. Volgens de rechter is er geen sprake van een verplichting van Y om pensioenbedragen aan X te betalen.

Wijziging van eis in hoger beroep

Meneer X besluit in hoger beroep te gaan tegen de uitspraak van de kantonrechter. In hoger beroep wijzigt hij zijn eis. Hij vordert niet langer nakoming van de toezegging van Y maar vordert een verklaring voor recht dat sprake is van een tekortkoming in de nakoming.

Assurantietussenpersoon heeft zorgplicht

Meneer X heeft Y in 2009 ingeschakeld als assurantietussenpersoon. Het hof overweegt dat van Y verwacht mocht worden dat hij de zorgvuldigheid van een redelijk bekwaam en redelijk handelend vakgenoot in acht nam bij de uitvoering van zijn werkzaamheden. Dit houdt onder meer in dat Y zijn cliënt in staat moest stellen een goed geïnformeerde beslissing te maken. Meneer X heeft Y gevraagd om advies te geven over de offerte die AEGON voor de verlenging van de pensioenverzekering heeft uitgebracht. De vragen van meneer X heeft de assurantietussenpersoon beantwoord in zijn brief van 16 april 2009. Het hof is van oordeel dat de uitlating van Y in de brief zo begrepen mochten worden dat de offerte gegarandeerde bedragen vermelden. In de brief of de offerte is van een voorbehoud ten aanzien van de bedragen geen sprake. Anders dan de kantonrechter heeft overwogen behoefde meneer X naar het oordeel van het hof niet te twijfelen aan de juistheid van de brief van 16 april 2009. Hoewel de oude verzekering van meneer X geen gegarandeerde bedragen kende mocht hij erop vertrouwen dat Y hem de meest passende pensioenverzekering adviseerde.

AEGON garandeerde de pensioenbedragen niet

Uit de aangeleverde stukken concludeert het hof dat AEGON in haar offerte geen pensioenuitkeringen heeft gegarandeerd. Dit maakt dat de mededelingen van assurantietussenpersoon Y onjuist en niet in overeenstemming met de offerte waren. De conclusie is dat Y niet heeft gehandeld zoals van een redelijk bekwaam en redelijk handelend adviseur heeft gehandeld. Dit maakt dat er sprake is van een tekortkoming van Y in de nakoming van zijn contractuele verplichtingen jegens meneer X. De assurantietussenpersoon is dan ook aansprakelijk voor de schade die als gevolg van de tekortkoming is ontstaan.

Schade kan nog niet worden vastgesteld

Meneer X voert ten aanzien van de door hem geleden schade aan dat hij in 2009 de mogelijkheid had om een pensioen aan te kopen dat inging in juni 2016. Die pensioenuitkering zou hem een hogere jaarlijkse pensioenuitkering hebben opgeleverd dan hem in maart 2016 door AEGON is aangeboden. Het hof is echter van oordeel dat deze stelling onvoldoende door meneer X is onderbouwd. Derhalve geeft het hof meneer X de mogelijkheid om zijn stelling te onderbouwen met bewijsstukken. Het hof houdt verder iedere beslissing aan.

Klik hier voor de volledige uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

Wij staan voor u klaar

  • Tegen (financiële) dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Laat ons u helpen of bel 0416 65 00 86

Wij helpen u graag

  • Tegen (financiële) dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant