Uitspraak: Klacht jegens accountant niet-ontvankelijk verklaard

Klaagsters zijn actief op het gebied van lichtreclame. De tot de groep van klaagsters behorende werkmaatschappijen worden geleid door klaagster sub 1 van wie de heer A enig aandeelhouder en bestuurder is. De dagelijkse leiding bij de werkmaatschappijen was in handen van de bedrijfsleider, de heer B. Betrokkene verrichtte in het kader van een samenstellingsopdracht accountantswerkzaamheden voor klaagsters.

In april 2010 zijn de jaarrekeningen 2009 van klaagsters in concept opgesteld. In de geconsolideerde jaarrekening 2009 van BV3 (een volledige dochtervennootschap van klaagster sub 1 en moedervennootschap van alle werkmaatschappijen) zijn de schulden aan de belastingdienst opgenomen: € 430.819 aan BTW en € 418.641 aan loonbelasting. Betrokkene heeft daarbij op 20 juli 2010 een samenstellingsverklaring afgegeven en de goedkeuring door de AvA vond plaats op 31 augustus 2010. De schuld aan de belastingdienst is ook verwerkt in de prognose van 26 juli 2010, die door betrokkene ten behoeve van een aanvraag aanvullende financiering is vervaardigd.

Klacht

Klaagsters stellen dat betrokkene de betalingsachterstanden in belasting blijkbaar wel heeft waargenomen maar niet, of onvoldoende duidelijk, bij de vertegenwoordiger van klaagsters aan de orde heeft gesteld. Betrokkene heeft namelijk volgens klaagsters de problemen met de belastingschulden niet met A besproken, terwijl deze wel enig bestuurder en aandeelhouder van klaagsters is, verder heeft betrokkene het door hem waargenomen (betalings)probleem onvoldoende vastgelegd en dus onvoldoende gewaakt over de belangen van klaagsters.

Beoordeling

Betrokkene heeft zich op het standpunt gesteld dat de klacht niet-ontvankelijk moet worden verklaard wegens schending van de beginselen van een behoorlijke tuchtprocedure en het ‘ne bis in idem’-beginsel, nu de klacht al verwoord had kunnen worden in de eerdere tuchtklacht.

De Accountantskamer stelt dat eerst gekeken moet worden of de klacht wel is ingediend binnen drie jaar nadat klager het verweten handelen of nalaten heeft geconstateerd. Deze 3 jaar gaat in op het moment dat klaagsters objectief gezien, gelet op de voor hun beschikbare informatie, voldoende op de hoogte waren van het feitelijk handelen of nalaten van de betrokken accountant dat de grond vormt voor het indienen van de klacht.

De Accountantskamer heeft vastgesteld dat bij jaarrekeningen 2009 van klaagsters met daarin de verplichtingen aan de Belastingdienst door betrokkene op 20 juli 2010 een samen-stellingsverklaring is afgegeven en dat de goedkeuring door de AvA plaatshad op 31 augustus 2010. Vanaf 20 juli 2010 moet A dan ook over die jaarrekening hebben beschikt, zodat de daarin vervatte informatie toen voor klaagsters beschikbaar was. Klaagsters hadden dus vanaf die datum objectief gezien, gelet op de voor hen beschikbare informatie, voldoende op de hoogte kunnen en moeten zijn van het aan betrokkene verweten feitelijk handelen of nalaten. Het klaagschrift is op 28 augustus 2013 bij de Accountantskamer ingediend. Dit is meer dan drie jaar na 20 juli 2010. De klacht wordt dan ook niet-ontvankelijk verklaard.

Klik hier voor de volledige uitspraak.

Zorgplicht Advocaten

Heeft u als klant, stakeholder of derde een klacht of schade geleden als gevolg van een fout van een accountant, neem dan contact met ons op voor vrijblijvend gesprek. De advocaten van Zorgplicht Advocaten hebben jarenlange ervaring met het adviseren over de zorgplicht van een accountant of boekhouder. Tevens hebben onze advocaten ervaring met het voeren van een klachtprocedure bij de Accountantskamer of het voeren van een procedure bij de civiele rechter.

Monique Ebben

Wij staan voor u klaar

  • Tegen (financiële) dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Neem contact op Laat ons u bellen
Joost Papeveld

Wij helpen u graag

  • Tegen (financiële) dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant