Betrokkene is accountant. Hij heeft een samenstellingsverklaring afgegeven bij de jaarrekening van X1. X2 is statutair directeur van deze vennootschap. A is zijn levenspartner. Bij de jaarrekeningen 2006 tot en met 2015 van X1 heeft betrokkene, die toen werkzaam was voor een ander kantoor ook een samenstellingsverklaring afgegeven.

B was een van de twee maten van het kantoor, waar betrokkene werkzaam was. Medio 2006 zijn B en betrokkene verwikkeld geraakt in meerdere procedures.

In de inleiding van het klaagschrift heeft B gesteld dat X2 deze klachtprocedure zelf niet voert, omdat hij als gevolg van de ziekte Alzheimer daar niet toe in staat is.

De klacht

Betrokkene heeft volgens klagers gehandeld in strijd met de fundamentele beginselen van onafhankelijkheid/objectiviteit, vakbekwaamheid en zorgvuldigheid en vertrouwelijkheid, doordat hij zich bij het geven van adviezen niet onafhankelijk heeft opgesteld en fouten heeft gemaakt bij het samenstellen van jaarrekeningen.

De beoordeling

Klagers zijn in deze klachtzaak door de Accountantskamer als klagende partijen aangemerkt, omdat op het bij het klaagschrift ontvangen klachtenformulier onder ‘gegevens van klagers’ is vermeld: ‘X1 B.V. en X2’.

Klagers hebben aangegeven dat B optreedt als gemachtigde voor mevrouw A, die op haar beurt weer gemachtigde is van X2, die op zijn beurt weer statutair directeur van X1 B.V. De Accountantskamer ziet dit anders. A heeft namelijk op 28 augustus B schriftelijk gemachtigd on namens haar een klacht in te dienen bij de Accountantskamer. Hieruit blijkt volgens de Accountantskamer niet dat A bij het verstrekken van die volmacht heeft gehandeld als gevolmachtigde van klagers.

Verder heeft B verwezen naar een levenstestament, waarin X2 een volmacht verleend aan A om zijn vermogensrechtelijke en zakelijke belangen te behartigen. Volgens de Accountantskamer kan ook dit er niet toe leiden dat A gemachtigd is een klacht in te dienen namens klagers. Het indienen van een tuchtklacht volgens de Accountantskamer namelijk, zonder nadere motivering, niet worden aangemerkt als een vermogensrechtelijk of zakelijk belang.

Ten slotte heeft B betoogd dat A op grond van het bepaalde in artikel 7: 465 lid 3 Burgerlijk Wetboek bevoegd is om klagers te vertegenwoordigen. Dit artikel is echter uitsluitend van toepassing op overeenkomsten inzake geneeskundige behandeling.

De conclusie is dat A en B niet bevoegd zijn om klagers te vertegenwoordigen. De klacht is daarmee niet-ontvankelijk.

Lees hier de hele uitspraak.

Zorgplicht Advocaten

Heeft u als klant, stakeholder of derde een klacht of schade geleden als gevolg van een fout van een accountant, neem dan contact met ons op voor vrijblijvend gesprek. De advocaten van Zorgplicht Advocaten hebben jarenlange ervaring met het adviseren over de zorgplicht van een accountant of boekhouder. Tevens hebben onze advocaten ervaring met het voeren van een klachtprocedure bij de Accountantskamer of het voeren van een procedure bij de civiele rechter.

Wij staan voor u klaar

  • Tegen (financiële) dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Laat ons u helpen Laat ons u bellen

Wij helpen u graag

  • Tegen (financiële) dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant