Uitspraak: Klaagster niet succesvol in klacht over declaraties

BV1 is een thuiszorgorganisatie, klaagster is haar directeur. Betrokken is werkzaam voor Accountantskantoor. Accountantskantoor verricht sinds 2011 werkzaamheden voor klaagster.

Klaagster heeft betrokkene in een e-mail van 18 mei 2017 laten weten dat betrokkene pas op 17 mei 2017 fouten heeft gemeld in de Exact-online administratie terwijl de jaarrekening 2016 van BV1 op 31 juli 2017 gereed moest zijn en dat hij een fout in de van BV1 ontvangen stand van debiteuren en crediteuren niet aan haar heeft gemeld. Ook beklaagt zij zich over de hoogte en onduidelijkheid van de facturen van het accountantskantoor, over de communicatie, en over ongevraagd gegeven adviezen. Daarnaast zijn bij de omzetting van de eenmanszaak naar de besloten vennootschap zijn de pensioengegevens van een medewerker niet goed geregistreerd. Op grond van een rechterlijke uitspraak diende BV1 dit te corrigeren. Omdat de correctie te laat is gerealiseerd heeft BV1 een dwangsom ter hoogte van € 1800 moeten betalen.

Tussen partijen is een geschil over de declaraties aanhangig bij de Raad voor Geschillen van de Nba.

Handelen in strijd met de geldende gedrags- en beroepsregels

Betrokkene heeft volgens klaagster gehandeld in strijd met de voor hem geldende gedrags- en beroepsregels. Deze klacht is gebaseerd op de volgende verwijten:

  • betrokkene heeft klaagster te laat op de hoogte gesteld van het feit dat de administratie van BV1 in Exact online niet klopte;
  • betrokkene heeft niet elke drie maanden de administratie gecontroleerd en gemonitord zoals een accountant behoort te doen;
  • betrokkene heeft bij het omzetten van de eenmanszaak naar een besloten vennootschap niet geholpen bij het afboeken;
  • betrokkene heeft onduidelijk gecommuniceerd;
  • betrokkene heeft gezegd dat de kosten van telefonische contacten niet in rekening gebracht zouden worden;
  • betrokkene heeft niet adequaat gehandeld naar aanleiding van een uitspraak van de kantonrechter over de correctie/registratie van pensioengegevens van een medewerker van BV1 bij de omzetting van de eenmanszaak naar de besloten vennootschap;
  • betrokkene heeft disproportioneel gedeclareerd;
  • betrokkene heeft voor zijn werkzaamheden jaarlijks gefactureerd in plaats van maandelijks, zoals door klaagster was verzocht.

De beoordeling

Klaagster stelt dat in het eerste klachtonderdeel dat betrokkene haar te laat op de hoogte heeft gesteld van het feit dat de administratie in Exact online niet klopte, dit is volgens de Accountantskamer ongegrond. Betrokkene heeft dit verwijt gemotiveerd betwist. Hij heeft er op gewezen dat hij klaagster daarover al eerder en niet pas een week voordat het jaarverslag 2016 gereed moest zijn heeft geïnformeerd.

Het tweede, derde, vijfde en achtste klachtonderdeel worden door de Accountantskamer gezamenlijk behandeld. In deze klachtonderdelen neemt klaagster standpunten in zonder deze met feiten en/of een verwijzing naar de door haar overgelegde bijlagen te onderbouwen. Betrokkene heeft deze klachtonderdelen bovendien gemotiveerd betwist. De klachtonderdelen worden dan ook ongegrond verklaard.

Ten aanzien van het vierde klachtonderdeel heeft klaagster er op gewezen dat betrokkene niet, zoals zij had gevraagd, steeds per e-mail heeft gecommuniceerd. Vooropgesteld moet worden dat het niet aan klaagster is om te bepalen op welke wijze betrokkene dient te communiceren. Daarnaast heeft betrokkene in zijn verweer toegelicht dat afhankelijk van het onderwerp en de situatie, hij of een medewerker van het kantoor steeds telefonisch of per e-mail met klaagster heeft gecommuniceerd. Het klachtonderdeel is dan ook ongegrond.

Klaagster heeft voor het zesde klachtonderdeel naar voren gebracht dat betrokkene er niet voor heeft gezorgd dat een door de rechtbank opgelegde pensioencorrectie op tijd is gerealiseerd, waardoor klaagster een dwangsom van € 1800 moest betalen. De Accountantskamer heeft niet vast kunnen stellen dat betrokkene op de hoogte was of had moeten zijn van de uitspraak over de pensioencorrectie. Zo heeft betrokkene naar voren gebracht dat de aangelegenheid zich afspeelde in zijn vakantieperiode en hij niet over de kwestie is geïnformeerd. Niet gebleken is daarom dat betrokkene een tuchtrechtelijk verwijt treft zodat het klachtonderdeel ongegrond is.

Voor het zevende klachtonderdeel geldt dat over declaraties met succes kan worden geklaagd als betrokkene bij het opstellen en indienen van de declaraties heeft gehandeld in strijd met het bij of krachtens de Wab, zoals de VGBA, bepaalde. Daarbij moet dan onder meer gedacht worden aan situaties waarin de betrokken accountant in strijd met de fundamentele beginselen vakbekwaamheid en zorgvuldigheid, integriteit en professionaliteit bij zijn cliënt bewust onjuiste of misleidende declaraties, derhalve te kwader trouw, indient. Klager heeft niet met stukken onderbouwd dat daarvan sprake is geweest terwijl betrokkene dit klachtonderdeel gemotiveerd heeft betwist. Het zevende klachtonderdeel is daarom ongegrond.

De klacht wordt in al haar onderdelen ongegrond verklaard door de Accountantskamer

Lees hier de hele uitspraak

Zorgplicht Advocaten

Heeft u een geschil met uw accountant over de vraag of hij/zij de benodigde vakbekwaamheid, zorgvuldigheid en deskundigheid in acht heeft genomen bij de uitvoering van zijn/haar werkzaamheden? Heeft uw accountant uw opdrachten niet naar behoren uitgevoerd? En heeft u als gevolg daarvan schade geleden? Neem dan contact op met een van de gespecialiseerde advocaten van Zorgplicht Advocaten.

Jip van Vlokhoven

Wij staan voor u klaar

  • Tegen (financiële) dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Neem contact op Laat ons u bellen
Joost Papeveld

Wij helpen u graag

  • Tegen (financiële) dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant