Uitspraak: Notaris heeft voldoende zorgvuldigheid betracht bij de beoordeling van wilsbekwaamheid

In 2009 heeft moeder ten overstaan van een notaris haar testament opgemaakt. In dat testament heeft ze haar zoon X tot executeur benoemd. In augustus 2017 heeft moeder haar intrek genomen in een verzorgingshuis. Op 13 juli 2018 heeft moeder een bespreking gehad met de notaris Naar aanleiding van dat gesprek heeft de notaris een testament opgesteld. Het testament van moeder is op 17 juli 2018, in aanwezigheid van twee getuigen, op het kantoor van de notaris gepasseerd. In het testament heeft moeder haar zoon Y tot executeur benoemd. Op september 2019 is moeder overleden.

Op 22 december 2019 heeft klager de notaris een brief gestuurd met vragen over de totstandkoming van het testament van moeder. Die vragen heeft de notaris per brief beantwoord. Op 9 januari heeft klager nog een brief naar de notaris gestuurd, waarop de notaris een week later heeft gereageerd. Een week daarna heeft klager nog een brief gestuurd met nadere vragen, hier heeft de notaris niet meer op gereageerd.

De klacht

Klager baseert zijn klacht op de volgende onderdelen:

  • Klager verwijt de notaris dat hij onvoldoende onderzoek heeft verricht c.q. te weinig zorgvuldig heeft gehandeld bij het vaststellen van de wilsbekwaamheid van moeder kort voorafgaand en ten tijde van het passeren van het testament van 17 juli 2018.
  • Klager voelt zich onheus bejegend door de notaris. In de brief van 16 januari 2020 heeft de notaris niet alle vragen beantwoord en suggereert de notaris dat klager nalatig zou zijn geweest. Ook heeft de notaris niet gereageerd op de e-mail van klager van 23 januari 2020.

De beoordeling

Klachtonderdeel 1 De vraag in het eerste klachtonderdeel is volgens de kamer of de notaris voldoende zorgvuldigheid heeft betracht bij de beoordeling van de wilsbekwaamheid van moeder rond het passeren van het testament. De vraag is dus niet of de moeder wilsonbekwaam was bij het passeren van het testament, maar of de notaris in de gegeven omstandigheden voldoende zorgvuldigheid heeft betracht bij de beoordeling van de wilsbekwaamheid van moeder.

De notaris heeft aangevoerd dat hij zorgvuldig heeft gehandeld bij de beoordeling van de wilsbekwaamheid van moeder. Het initiatief voor de eerste bespreking kwam weliswaar van de heer Y en hij heeft moeder ook naar de afspraak begeleid, maar dit was gelet op de leeftijd van moeder niet ongewoon. Moeder heeft het gesprek gevoerd en heeft volgens de notaris duidelijk uitgelegd dat en waarom zij haar testament wilde wijzigen. De erfdelen heeft zij niet gewijzigd. De notaris heeft de gevolgen van de gewenste wijzigingen aan moeder toegelicht en geverifieerd of dit in overeenstemming was met haar wil, hetgeen het geval was. Vanwege de hoge leeftijd van moeder en het feit dat zij in een verzorgingshuis verbleef, heeft de notaris twee van zijn medewerkers gevraagd om als getuigen bij het passeren van het testament op te treden. Voorafgaand aan het passeren van de akte heeft de notaris het testament nogmaals met moeder doorgenomen en de gevolgen toegelicht. Nadat de notaris (nogmaals) bij moeder had geverifieerd of de akte in overeenstemming was met haar wil, is het testament door de notaris gepasseerd.

De kamer oordeelt dat de notaris niet onzorgvuldig heeft gehandeld. De notaris is tijdens zijn besprekingen met moeder tot de conclusie gekomen dat zij bekwaam was om haar wil te bepalen. Slechts als daarover bij hem gerede twijfel zou bestaan, diende hij de verdere stappen, zoals genoemd in het Stappenplan, in overweging te nemen. Van die twijfel was bij de notaris geen sprake. Dat de notaris tot een andere conclusie had moeten komen, is niet of onvoldoende gebleken. De notaris heeft tweemaal uitgebreid moet moeder gesproken waarbij zij consistent was in haar verklaringen. De reden voor de gewenste wijziging kon moeder duidelijk uitleggen. Het inschakelen van twee getuigen was het minst genomen wat de notaris kon doen, hetgeen hij gedaan heeft.

Klachtonderdeel 2 In de brief van 16 januari 2020 schreef de notaris onder meer dat als klager van mening is geweest dat moeder vanaf de datum dat zij in het verzorgingshuis ging wonen, niet meer in staat was om een testament op te (laten) maken, de notaris zich afvroeg waarom klager destijds zelf geen beschermingsmaatregelen heeft getroffen om voor moeder curatele of bewind aan te vragen.

Anders dan klager leest de kamer hierin geen suggestie van een verwijt aan klager wat betreft nalatigheid. De notaris doet enkel een constatering en vraagt zich iets af. Van onheuse bejegening is naar het oordeel van de kamer geen sprake.

Het niet beantwoorden van een aantal vragen was volgens de kamer ook niet klachtwaardig handelen. Volgens de kamer is de notaris, voor zover hij gezien zijn geheimhoudingsplicht dit toeliet, voldoende op de vragen ingegaan.

De klacht wordt ongegrond verklaard.

Lees hier de hele uitspraak.

Zorgplicht Advocaten

Heeft u een geschil met uw notaris over de vraag of hij/zij de benodigde vakbekwaamheid, zorgvuldigheid en deskundigheid in acht heeft genomen bij de uitvoering van zijn/haar werkzaamheden? Neem dan hier contact op met een van de gespecialiseerde advocaten van Zorgplicht Advocaten.

Monique Ebben

Wij staan voor u klaar

  • Tegen (financiële) dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Neem contact op Laat ons u bellen
Jip van Vlokhoven

Wij helpen u graag

  • Tegen (financiële) dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant