Uitspraak: Klaagster verwijt advocaat slecht te hebben gecommuniceerd

Klaagster heeft op 27 februari 2018 bij de politie aangifte gedaan van een zedenmisdrijf, een wederrechtelijke vrijheidsberoving en (zware) mishandeling gepleegd tegen haar. Klaagster is hierin bijgestaan door mevrouw De H., werkzaam bij Slachtofferhulp Nederland (hierna: SHN). Mevrouw De H. heeft in het kader van de aangifte contact gehad met de politie en het OM. Op een gegeven moment heeft mevrouw De H. klaagster in contact gebracht met verweerster. Verweerster heeft zich als advocaat van klaagster gesteld bij het OM.

Op 28 september, 7 februari en 14 maart 2019 hebben besprekingen plaatsgevonden tussen klaagster en verweerster. Bij deze besprekingen was mevrouw De H. aanwezig. Ook heeft verweerster gedurende de behandeling van klaagsters zaak niet alleen met klaagster, maar ook met mevrouw De H. gecorrespondeerd.

Op 31 januari 2019 heeft het OM medegedeeld dat de verdachte niet zou worden vervolgd voor het zedenmisdrijf en de wederrechtelijke vrijheidsberoving en wel voor de zware mishandeling.

Klaagster en verweerster hebben afgesproken dat verweerster klaagster zou bijstaan bij de voeging in de strafzaak ter verkrijging van schadevergoeding en bij het aanhangig maken van een procedure op grond van artikel 12 Sv. In dat kader heeft verweerster op 7 februari 2019 klaagster verzocht om informatie. Verweerster heeft het verzoek om informatie aan klaagster meerdere malen herhaald. Op 25 april en 29 mei 2019 heeft klaagster een USB-stick met informatie aan verweerster overhandigd.

Klaagster wilde de zitting die op 2 juli 2019 zou plaatsvinden voorbereiden tijdens een bespreking met verweerster. Mevrouw De H. was de maand juni met vakantie. Verweerster wilde de bespreking met klaagster en mevrouw De H. inplannen op de ochtend voor de zitting.

Klaagster was niet tevreden over verweersters rechtsbijstand en heeft zich begin juni 2019 gewend tot een andere advocaat. Op 19 juni 2019 heeft klaagster bij de deken een klacht ingediend over verweerster.

De klacht

Klaagster verwijt verweerster het volgende:

  • verweerster heeft slecht met klaagster gecommuniceerd en haar niet geïnformeerd over de status van haar zaak;
  • verweerster heeft klaagster afstandelijk en onprofessioneel benaderd en haar niet serieus genomen;
  • verweerster heeft bewust een termijn laten verlopen voor de artikel 12 Sv-procedure en is hierover niet eerlijk geweest tegen klaagster;
  • verweerster was nooit telefonisch bereikbaar voor klaagster;
  • verweerster heeft zonder overleg met klaagster met een externe partij van Slachtofferhulp een afspraak op de dag van de zitting voor klaagster ingepland;
  • verweerster heeft de voorbespreking voor de zitting van 2 juli 2019 in een half uur voorafgaand aan die zitting willen inplannen en heeft daarmee geen rekening gehouden met de belastbaarheid van klaagster.

De beoordeling

De raad stelt dat de klacht ziet op de kwaliteit van de dienstverlening van verweerster. Wanneer de dienstverlening ter discussie staat moet rekening worden gehouden met de vrijheid die de advocaat heeft met betrekking tot de wijze waarop hij een zaak behandelt en met de keuzes waar de advocaat bij de behandeling van de zaak voor kan komen te staan. Deze vrijheid is niet onbeperkt, maar worden begrensd door de eisen die aan de advocaat als opdrachtnemer in de uitvoering van die opdracht mogen worden gesteld en die met zich brengen dat zijn werk dient te voldoen aan datgene wat binnen de beroepsgroep als professionele standaard geldt. Die professionele standaard veronderstelt een handelen met de zorgvuldigheid die van een redelijk bekwame en redelijk handelende advocaat in de gegeven omstandigheden mag worden verwacht.

De eerste, tweede, vierde, vijfde en zesde klachtonderdelen zien op de communicatie en bejegening door verweerster en worden daarom gezamenlijk behandeld. Verweerster vindt dat zij niet slecht heeft gecommuniceerd met klaagster. Ook vindt ze dat ze klaagster professioneel heeft behandeld en serieus heeft genomen.

De voorzitter ziet dat klaagster en verweerder ieder een andere lezing geven over de communicatie en bejegening. Volgens de voorzitter is niet gebleken dat verweerster niet naar behoren heeft gecommuniceerd of klaagster op ongepaste wijze heeft bejegend. Uit de overgelegde stukken blijkt juist dat verweerster veelvuldig met klaagster heeft gecorrespondeerd en dat er vier besprekingen op verweersters kantoor hebben plaatsgevonden. Bij die besprekingen was ook mevrouw De H, klaagsters belangenbehartiger van SHN. Derhalve valt niet in te zien waarom verweerster een tuchtrechtelijk verwijt zou kunnen worden gemaakt van het feit dat zij een afspraak voor klaagster met mevrouw De H, die steeds zeer nauw betrokken is geweest bij de zaak, heeft ingepland. Het eerste, tweede, vierde, vijfde en zesde klachtonderdeel worden ongegrond verklaard.

Lees hier de hele uitspraak.

Zorgplicht Advocaten

Heeft u als klant, stakeholder of derde een klacht of schade geleden als gevolg van een fout van een advocaat, neem dan contact met ons op voor vrijblijvend gesprek. De advocaten van Zorgplicht Advocaten hebben jarenlange ervaring met het adviseren over de zorgplicht van een advocaat. Tevens hebben onze advocaten ervaring met het voeren van een klachtprocedure bij de tuchtrechter of het voeren van een procedure bij de civiele rechter.

Monique Ebben

Wij staan voor u klaar

  • Tegen (financiële) dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Neem contact op Laat ons u bellen
Monique Ebben

Wij helpen u graag

  • Tegen (financiële) dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant