Uitspraak: Rentemiddeling geen onderdeel van de overeenkomst

Consument en partner hebben in 2013 bij de bank een hypothecaire geldlening gesloten. Op 5 april 2019 is een offerte voor rentebemiddeling opgesteld. Daarbij werd vermeld dat consument niet verplicht was te accepteren. Ook werd vermeld dat later het aanbod alsnog kon worden geaccepteerd. In de offerte staat dat dit kan tot 13-4-2019. Consument heeft de offerte niet geaccepteerd.

Op enig moment in 2019 heeft de bank met het oog op een wijziging in het Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen (BGfo) de rentemiddeling ingetrokken.

Consument heeft eind februarui 2020 besloten dat zij haar rente tussentijds toch wilde middelen. In de online omgeving kon consument de rentebemiddeling niet meer terugvinden. Consument besluit een klacht in te dienen bij de bank. De interne klachtenprocedure bij de bank heeft niet geleid tot een oplossing.

De consument stelt dat de bank verplicht is om haar besluit om te stoppen met het aanbieden van rentemiddeling te informeren. Zij vordert een schadevergoeding van 5.000 euro. Dit is een schatting van consument. Consument stelt dat de bank tekort is geschoten in de zorgplicht. De bank heeft consument niet geïnformeerd over het feit dat rentemiddeling per 1 juni 2019 niet meer mogelijk was. Er is geen bericht geplaats in de digitale omgeving en ook is niet via de tussenpersoon gecorrespondeerd over de rentemiddeling. Consument geeft aan dat zij, indien zij op de hoogte was van het besluit van de bank, eerder gebruik zou hebben gemaakt van de mogelijkheid.

De bank heeft verweer gevoerd aan gesteld dat rentemiddeling nooit een productvoorwaarde is geweest. In verband met een wijziging van het BGfo per 1 juli 2019 heeft de Bank besloten om de mogelijkheid van rentemiddeling in te trekken. De Bank heeft al haar intermediairs over deze wijziging geïnformeerd.

De commissie wijst de vordering af. Banken hebben de vrijheid te bepalen aan wie en op welke voorwaarden zij financieringen verstrekt. Niet is gebleken dat rentemiddeling onderdeel uitmaakt van de overeenkomst, waardoor de bank in beginsel niet kan worden gehouden tot het aanbieden van rentemiddeling.

De Commissie is van oordeel dat er geen wettelijke of contractuele verplichting bestaat voor de Bank om haar cliënten rechtstreeks te informeren over dergelijke wijzigingen. De informatieplicht omvat niet de verplichting om consument proactief te informeren over haar besluit.

Klik hier voor de volledige uitspraak.

Zorgplicht Advocaten

Heeft u als gevolg van een fout van een dienstverlener of andere partij schade geleden? Heeft deze zijn of haar zorgplicht ten opzichte van u geschonden? Wij bespreken graag met u de mogelijkheden. Neem vrijblijvend contact op met en van onze advocaten voor een oriënterend gesprek.

Monique Ebben

Wij staan voor u klaar

  • Tegen (financiële) dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Neem contact op Laat ons u bellen
Monique Ebben

Wij helpen u graag

  • Tegen (financiële) dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant